Dining with the Tsars. Breekbare schoonheid uit de Hermitage

Achtergrondverhaal

Het is 1792. Catharina de Grote betaalt de laatste termijn van het meer dan 700-stuks Cameeënservies. Deze tranche redt de Sèvresfabriek in Parijs, tot 1789 hofleverancier van de Franse koning, van een faillissement. De tsarina is zeer tevreden over het servies, maar erg ontstemd over de rekening, 331.362 Franse livres, omgerekend 124.650 toenmalige guldens. Een fortuin in die tijd. Bij de grote brand in het Winterpaleis in 1837 werden meer dan 160 voorwerpen uit het servies gestolen, die bijna twintig jaar later weer opdoken. Dit roemruchte servies en zeven andere schitterende serviezen vertellen het verhaal van de bals en banketten van het tsarenhof. Van de mode, de etiquette en de intriges aan het hof, maar ook van ruim tweehonderd jaar Europese geschiedenis, gestold in porselein.

Fotografie Janiek Dam

Met de ontdekking van het fabricagegeheim in Europa begin achttiende eeuw, greep een ware porseleinkoorts om zich heen. Catharina de Grote stuurde haar inkopers naar het westen om kostbaarheden voor haar paleizen te kopen. Duizenddelige porseleinen eetserviezen waren geen uitzondering. Deze moesten vooral indruk maken. Elk bord, elke terrine, compoteschaal of ijsbeker was een pièce de conversation vanwege de bloemen, vogels, landschappen, paleizen, mythologische voorstellingen, initialen en gedichten die erop te zien waren. Zo bevat het Groene Kikkerservies, besteld bij de Engelse Wedgwoodfabriek, meer dan 1200 verschillende afbeeldingen van Engelse landschappen en gotische monumenten. De iconografie had vaak een werelds, politiek karakter. Veel serviezen demonstreerden Ruslands rol in de wereld, zoals het Berlijnse Dessert Servies, aan Catharina geschonken door de Pruisische koning Frederik II de Grote na de overwinning van Rusland in de Russisch-Turkse Oorlog van 1768. Daarop zijn leger- en strijdscènes, kostuums en wapens afgebeeld. De bijbehorende tafelfiguurtjes verbeelden allegorische voorstellingen, maar ook in de boeien geslagen Turken. Als een van de symbolen van militaire glorie geldt het Sint-Jorisservies, een van de vier ordeserviezen die Catharina bestelde om ridders in de vier Russische ordes te fêteren. Met de banketten en de serviezen etaleerde de monarch zich als een wereldlijk, beschaafd en welgesteld heerser. Serviezen speelden ook een rol in de diplomatie: niet zelden was een groot porseleinen servies een diplomatiek geschenk, zoals het Sint-Andreasservies van tsarina Elisabeth, of het Dessertservies van Nicolaas II en Alexandra, een cadeau van de Duitse keizer Wilhelm II.

Fotografie Janiek Dam

De schoonheid van de gedekte eettafels aan het hof van de tsaren was onovertroffen. Zelfs de meest doorgewinterde westerse gasten waren verrukt bij het zien van de enorme overdaad aan opgedekt porselein, prachtig gedecoreerde surtouts de table, malachieten schalen op een vuurvergulde bronzen voet. Parfumbranders van stralend lapis lazuli verspreidden een heerlijke geur en kristallen kroonluchters, waarin tijdens een feest wel tienduizend kaarsen brandden, deden het gouden en zilveren bestek schitteren. Overal stonden verse bloemen en tussen exotische planten als citroen-, sinaasappel- of palmbomen tsjirpten kanaries in hun sierlijke vogelkooitjes. Al die verfijning en extravagantie moest de nieuwsgierigheid prikkelen naar de gerechten die werden geserveerd.

Aan tafel!

Het tafelen begon vaak al ’s ochtends. Het middageten was het belangrijkst en duurde lang, tot in de avond en niet zelden tot na middernacht. De hoofdmenu’s volgden in meerdere gangen (koud, soep, warm, dessert). Per gang werden alle gerechten, variërend van twee tot vijftien, in één keer opgediend. Tussendoor werden de tafels opgeruimd, schoongemaakt en opnieuw gedekt. Er werd veel gebruik gemaakt van ronde tafels, zodat de tsaar van tafel naar tafel kon bewegen en onderweg verschillende gangen kon verorberen. Voordeel voor de gasten was dat ze dan allemaal konden zeggen bij de tsaar aan tafel te hebben gezeten. Op meer formele gelegenheden werd één lange u-vormige tafel gebruikt.

Fotografie Janiek Dam

Dessert

Het dessert was het hoogtepunt. Het was bij uitstek de gang waarin de gastheer met zijn rijkdom kon pronken. Met bijzondere vindingrijkheid werd het dessert geserveerd. Vers fruit, compotes, bonbons, banket en ijs werden hoog opgestapeld, gedecoreerd door ingewikkelde figuren, landschapscomposities, fonteinen, bossen met echte en nepbloemen, tempels en wonderen van architectuur. Zo was er in 1755 een banket in het Winterpaleis waarbij de desserttafel eruit zag als een gebergte. Hij was gemaakt van zeldzame stenen, schelpen en fossielen. Er was een mijn zichtbaar, met mijnwerkers. Daaronder meanderde een rivier met varende boten. Er was ook een slot met een ophaalbrug en een echt lichtgevende toren. Een rijke variatie van warme en koude gerechten zoals ijs (populair in de achttiende eeuw waren jasmijn, kastanjes en viooltjes), taart, compotes, kiselj (pudding), vers fruit en chocolade werd geserveerd. De spijzen werden weelderig versierd en opgediend in allerlei vormen, van dieren tot paleizen. Zoetigheid was aan het Russische hof een must, zeker in de achttiende eeuw, ‘de eeuw van de bonbons’. Tijdens alle gangen stonden schalen met velerlei zoetigheden op de tafels, zodat er tussendoor kon worden gesnoept.

Fotografie Janiek Dam

Bals en maskerades

Elke grote gebeurtenis kon aanleiding zijn voor een officieel bal of banket: een kroning, bruiloft, begrafenis, de geboorte van een troonopvolger, gardeparades, kerkelijke rituelen en jachtpartijen. Bekend was het jaarlijkse Grote Bal in de Nicolaaszaal van het Winterpaleis, met plaats voor 3000 mensen. Eind negentiende eeuw was het dé opening van het balseizoen. Om erbij te kunnen zijn, moest men zich bij de hofmaarschalk of de hofmeesteres registreren. Twee weken voor het bal ontvingen de gelukkigen een uitnodiging. Voor aanvang dienden de vertegenwoordigers van de beau monde, kooplieden, militaire en civiele ambtenaren het paleis te betreden door verschillende poorten. Paleislakeien namen bij de garderobe de bontjassen en mantels aan. De dames verschenen op het bal in hofjaponnen met groot decolleté, de mannen in uniform met goudborduursel. Aan beide zijden geflankeerd door rijen kozakkengardisten liepen de gasten over de brede baroktrap (de ‘Jordaanse trappen’) naar de zaal, waar de ceremoniemeesters hen verwelkomden. De hofbals openden met een polonaise, in de achttiende eeuw een soort parade waarbij de deelnemers een laan vormen en waar men paarsgewijs zwierig doorheen wandelt, aangevoerd door de tsaar met zijn gemalin. Daarna begon het bal met quadrilles, walsen, redowa’s en uiteraard de mazoerka. Aan het einde van het bal stonden buiten de koetsen opgesteld voor het vertrek naar huis.

Tot de meer ontspannen feesten van de Russische beau monde behoorden de hofmaskerades, die nog teruggingen op het Rusland van vóór Peter de Grote. Daarbij konden niet alleen de adel, maar ook de handelslieden en zelfs mensen uit lagere klassen van de stadsbevolking zich in de paradezalen van het Winterpaleis vermaken. Maskerades vormden een geliefd vermaak in de achttiende eeuw. De hofmaskerades vonden oorspronkelijk plaats tussen Kerstmis en de Grote Vasten, maar volgden al in de achttiende eeuw geen vastomlijnde kalender meer. Gewoonlijk vielen ze samen met een of andere belangrijke gebeurtenis in het leven van de keizerlijke familie. Tijdens de 34-jarige regering van Catharina de Grote vonden maskerades met grote regelmaat plaats.

De hofcultuur in het Winterpaleis glorieert

De zeventiende-eeuwse Russische tsaren deden in gastvrijheid niet onder voor hun onderdanen en hun feesttafels vormden een vast bestanddeel van het diplomatieke leven van alledag. De hofkeuken had zich tot dan toe niet wezenlijk onderscheiden van de volkskeuken; alleen de overdaad was groter. Onder Peter de Grote (reg. 1690–1725) veranderde de bal- en banketcultuur ingrijpend, naar Europees voorbeeld. Zo verschenen servetten op tafel, waar voorheen de mannen hun mond afveegden met hun baard. Die maakten ze pas schoon bij het volgende bezoek aan het badhuis. Westerse gerechten zoals roomboter verschenen, naar Hollands voorbeeld. Een lange traditie van rijk gedekte tafels ontstond. Aanvankelijk was het eten eenvoudig (koolsoep, jachtschotels, boekweitpap) maar de tafels stonden helemaal vol. Onder Anna Ioannovna (1730–40) wilden de tafels het nog wel eens begeven onder het gewicht van alle spijzen. Het was niet ongewoon dat een banket bestond uit twee gangen met elk 300 gerechten, het dessert niet meegerekend.

Onder tsarina Elisabeth Petrovna (1741–61) braken Europese tafeltradities echt door en werden de banketten feestelijker. Zij nam Versailles als voorbeeld, inclusief de uitbundige themagerichte (allegorische) versieringen door architecten, in de eerste plaats de befaamde Francesco Bartolomeo Rastrelli. Het ontwerp stond zozeer voorop dat mensen soms met de rug tegen elkaar werden gezet en dus niemand hadden om mee te praten tijdens het diner. Desserts werden gezien als culinair theater: snoepjespiramides, maquettes van boten en gebouwen, trompe l’oeil-ontwerpen. De uitgaven voor diners vervijfvoudigden in die tijd. Met de Verlichting deed de gastronomie zijn intrede. De koks kwamen met steeds andere culinaire meesterwerken, zoals fricassee van nachtegaaltongen, ragout van hertenlippen, ‘vanochtend ontwaakte runderogen’ in saus, gestoofde berenpoten. Elisabeth hield van pasteitjes met foie gras en koerierde die zelfs naar de Pruisische koning. Men kreeg honderden verschillende gerechten tegelijk voorgeschoteld. Zo stonden in 1746 voor een diner voor 43 personen 1300 borden en schalen op de tafels. Daartussen prijkten 300 bonbonpiramides.

In de tijd van Catharina de Grote (1762–96) werden de diners verder geïnstitutionaliseerd. De tsarenkeuken volgde meer en meer het Franse voorbeeld. De tsarina richtte culinaire bacchanalen aan naar oud-Grieks gebruik. In 1770 werd ter ere van het verblijf van de Pruisische prins Hendrik in Petersburg in het Winterpaleis een banket gehouden met als thema ‘De vier jaargetijden’. Twaalf tafels waren in gereedheid gebracht, elk gewijd aan een maand van het jaar. De tafels waren voorzien van kunstig geschilderde kalendersymbolen, de lucht was vervuld van ‘natuurlijke’ geuren en de spijzen sloten aan bij de verschillende seizoenen.

Er kwamen soepen en bouillons op tafel, kalkoen, korhoen en hazelhoen, haas, eend, ree en hert met truffels, kwartel, kip, schildpad en paté. De vis ontbrak bepaald niet met sterlet, kabeljauw, zalm, zult, spiering, oesters en kaviaar met peper en zout op brood. Salades, rapen, doperwtjes, kool, komkommer, pomerans, peperkoek, pasteien erden geserveerd. De laatste gang bestond uit zeer geraffineerde desserts, suikerbrood, ijs en fruit (cranberries, bramen, veenbessen, appels, peren en pruimen). Geschonken werden Franse, Spaanse Duitse en Hongaarse wijnen, verschillende soorten wodka’s en champagne in grote hoeveelheden. Langs de wanden stonden ‘cascades van porselein’. Tijdens de maaltijd speelde het orkest een muziekstuk dat bestond uit vier delen: Lente, Zomer, Herfst en Winter. Hierbij dansten kinderen van adellijke afkomst een ballet dat was onderverdeeld in dezelfde jaargetijden’. Na het diner was het tijd voor kaartspellen, het rad van avontuur, een tableau vivant, toneel, muziek of roetsjbanen.

Catharina de Grote las Machiavelli en correspondeerde met bekende filosofen van de Verlichting, zoals Voltaire en Diderot. Intellectuele conversatie werd belangrijker aan tafel. Catharina hield van kunst, vaak waren er zang en muziek bij, steeds vaker ook ballet. Voor dit alles ontwierpen kunstenaars uitnodigingen en menukaarten, vaak kunstwerken op zich. Bals en maskerades werden steeds gebruikelijker, maar vanzelfsprekend kregen niet alle duizenden aanwezigen ook een uitnodiging om met de tsarina te eten. Ze hield graag privésoirees in een bijgebouw dat ze ‘Hermitage’ doopte (nu de Kleine Hermitage) en waar zij ook haar kunstcollectie onderbracht. Hier werd geen bedienend personeel toegelaten; de tafels konden omhoog worden getakeld en werden een etage hoger voorzien van eten. Hier trof zij haar – steeds jongere in vergelijking met haarzelf– minnaars, waaronder vorst Grigori Potjomkin. Voor hem bestelde ze het indrukwekkende Cameeënservies, maar op haar eigen naam zodat de Sèvresfabriek het best mogelijke servies zou maken.

Fotografie Janiek Dam

Europa dineert à la russe

De eettafels kregen in de negentiende eeuw een ander aanzien toen men niet meer schotels met vis, taart, vlees, gevogelte en fruit gelijktijdig en door elkaar op tafel zette, maar de gerechten één voor één in gangen ging serveren. Voorheen werd het Franse serveersysteem gehanteerd, waarbij alle gerechten van een gang tegelijkertijd in schalen op tafel werden gezet. Bij het verschijnen van de tsaar of tsarina werden alle deksels tegelijk opgetild. Aan het einde van de achttiende eeuw kwam het opdienen van ieder gerecht apart in zwang. Dit kreeg de bijnaam à la russe. De tafel werd met het noodzakelijke tafelgoed van porselein, zilver en kristal gedekt en prachtig gedecoreerd met figuren en dessertvazen vol bloemen en vruchten. De gerechten werden op buffetten in de volgorde van het menu opgewarmd, gesneden en aan de gasten opgediend. Dit systeem van uitserveren was eleganter en comfortabeler en bracht een logische smaakvolgorde in het eten. Bijkomend voordeel was dat de gerechten warm konden worden opgediend. Dit systeem verspreidde zich ook in Europa, dat sindsdien à la russe dineert.

Van Alexander I tot Nicolaas II. Het einde

De uitbundige bal- en bankettraditie versoberde na Catharina. Onder Alexander I (1801–25) werden de grote diners beperkt in aantal en feestelijkheid. Hij werd te veel in beslag genomen door de oorlog tegen Napoleon en was zelf ook geen feestganger. Wel hield hij vaak ‘erediners voor helden’. Men begon het banket staand, met ‘zakoeski’, hapjes zoals kaviaar, gerookte vis, kaas, gepekeld vlees en zoete en zoute gebakjes. Men dronk onder andere wodka, bitter (kruidendrank), porter (donker bier) en Hongaarse wijn. Het meest kenmerkende van de tsarentafel, de enorme overvloed aan spijzen, bleef bij Alexander I intact. De dieren die werden uitgekozen voor het hoofdgerecht waren vaak zo groot dat ze door drie of vier man naar de tafel gedragen moesten worden. Eerst kwamen er soepen als sjtsji (koolsoep) en oecha (vissoep), dan volgden voorgerechten als zult, vis en groenten in aspic. Na een gang met gebraden vlees en gevogelte werd gekookte of gebakken vis geserveerd. Dan kwamen er pasteien, daarna kasja (boekweit- of havermoutpap) en uiteindelijk het dessert. Niet de hoeveelheid, maar de kwaliteit van de dranken was van belang. De wijn werd zorgvuldig per gang uitgekozen. ‘Na de soep Madeira, Bourgogne en Bordeaux bij de entrees, vóór de warme hapjes Château d’Yquem en Rijnwijn, daarna weer Bordeaux en Bourgogne, bij de zoete entremets sherry, bij het dessert eerst muskaatwijn, daarna malvasia en tokaj.’ Champagne werd gedurende het hele diner gedronken.

Onder Alexander II (1855 – 1881), die voor zijn bruiloft het Grootvorst Alexander Nikolaevich servies kreeg, werd de duur van de officiële diners teruggebracht naar niet meer dan 50 minuten en kregen een meer ceremonieel karakter. Zo waren de toasts volledig voorgeproduceerd. Tijdens diners was het de gewoonte dat de tsaar zijn eigen tafel op een verhoging na enige tijd verliet om langs de gasten – gezeten aan aparte tafels – te lopen en praatjes te maken.

De feesten van de laatste tsaar, Nicolaas II (1894–1917), onderscheidden zich in het begin niet van die in voorgaande tijdperken. De officiële banketten stonden in het nationale geheugen gegrift als belangrijk deel van de Russische identiteit. De feesten waren daarom groots als voorheen. Vierduizend aanwezigen waren geen uitzondering, zoals op het vier dagen durende jubileumfeest van de Romanov dynastie in 1913. Maar er was één groot verschil: de tsaar en tsarina waren er zo kort mogelijk bij aanwezig. Het paar maakte zijn opwachting, sprak wat met gasten en trok zich daarna terug in de privévertrekken voor het eigenlijke familiediner, een typisch Russische maaltijd van vijf gangen. De deelname van de tsaar en tsarina aan grote feesten werd steeds zeldzamer. In 1914 brak de Eerste Wereldoorlog uit en drie jaar later volgde met de Russische Revolutie het einde van de Romanov-dynastie. De exorbitante bal- en banketcultuur die ooit tot de verbeelding van alle Europese hoven sprak, was geschiedenis geworden.

Fotografie Janiek Dam

Door Nederlandse ogen

Mede aan de hand van citaten uit de mémoires van de Nederlandse Marie Cornélie van Wassenaer Obdam worden de uitspattingen aan het Russische hof beschreven. Zij was in het gevolg van Anna Paulowna en de latere koning Willem II in 1824 te gast in het Winterpaleis. Op 9 februari wordt er in de Witte Zaal een groot bal gegeven ter ere van de verjaardag van groothertog Michael, jongste broer van Oranjeprinses Anna Pavlovna. In een van de kabinetten en in de audiotour is haar kritische blik op het hofleven te volgen.

De collecties

De diner- en dessertserviezen in de tentoonstelling zijn aangeschaft door of geschonken aan de tsarenfamilie tussen 1745 en 1894. Ze zijn onderdeel van de rijke collectie Europees porselein uit de Hermitage in St.-Petersburg. Het gaat om meer dan 15.000 stukken, waarvan er 1.034 in deze tentoonstelling te zien zijn. De objecten zijn vaak uniek, altijd van artistiek hoog decoratieniveau, en gemaakt in toonaangevende porseleinfabrieken, zoals Meissen, Sèvres, Gardner en Wedgwood. De tentoonstelling bevat ook een niet eerder gebruikt servies van een latere ‘tsaar’: een officieel geschenk aan Sovjetleider Stalin. Dit servies kreeg hij in 1949 cadeau van het Hongaarse Ministerie van Industrie ter ere van zijn zeventigste verjaardag.

In de tentoonstelling

Sint-Andreasservies:
4 soepterrines, 8 grote ronde schotels, 4 kleine terrines, 2 menagères, 7 kandelaars, 12 platte borden, 2 bonbonschalen, 2 heetwaterkommen, 6 chocoladebekers met schotel, 6 theekoppen met schotel.

Fotografie Janiek Dam

Berlijnse Dessertservies:
8 mannelijke figuren in nationale klederdracht van Russische volken, 7 vrouwelijke figuren: de ‘zeven vrije kunsten’ muziek, poëzie, sterrenkunde, beeldhouwkunst, architectuur, schilderkunst en rekenkunde, 4 trofeegroepen, 2 soepterrines, 2 onderschotels voor soepterrines, 4 ovale manden, kleine ovale mand, 2 ronde manden, 6 ronde presenteerschalen, 6 bladvormige dienschalen, 24 platte borden, 24 roombekers , 8 bloemenvaasjes, beeld van Catharina II.

Fotografie Janiek Dam

Groene Kikkerservies:
2 glacières met deksel en inzetschaal, 4 dessertschalen met deksel, 4 onderschalen voor dessertschalen, 4 rechthoekige schotels met deksel, 4 sausterrines met lepel, 4 sauskommen, 4 onderschalen voor sauskommen, 4 ovale schalen, 4 ovale deksels, 12 platte borden, soepterrine, roombeker met deksel.

Fotografie Janiek Dam

Sint-Jorisservies:
8 vorken, 8 messen, 4 diepe borden, 3 platte borden, 2 ijsbekers met deksels met rozenknoppen, 4 ijsbekers met deksels met eekhoornknoppen, 3 ijsbekers, zoutvaatje, 2 ovale bladvormige presenteerschalen, 4 ronde, opengewerkte bladvormige presenteerschalen, 5 ronde, opengewerkte manden met twee handvatten.

Fotografie Janiek Dam

Cameeënservies:
24 borden, 4 ovale schalen, 2 vierkante compoteschalen, 4 ronde compoteschalen, 4 ruitvormige compoteschalen, 4 suikerpotten met deksel en houder, 24 koppen en schotels, 2 houders voor 7 ijsbekers, met 14 ijsbekers, 4 wijnglaskoelers, 2 ijskoelers met deksel, 4 ronde compoteschalen, 2 warmwaterkommen, 2 likeurfleskoelers, 2 houders voor 4 ijsbekers, met 8 ijsbekers, 2 botervloten met deksel, 3 melkkannen, theepot met deksel, 2 koffiepotten met deksel, 2 houders met elk 2 vaste bekers en deksels , 2 houders met elk 3 vaste bekers en deksels, 2 wijnfleskoelers, beeldengroep: Achilles en de Dochters van Lykomedes, beeldengroep: Telemachos en Kalypso, 8 bloemenvaasjes.

Fotografie Janiek Dam

Servies van grootvorst Aleksandr Nikolajevitsj:
guéridon met drie plateaus, glacière met deksel en binnenschaal, fleskoeler, 2 sauskommen, vaststaand op een onderschotel, ovale slakom, fruitschaal, slakom, soepterrine met deksel, 2 ovale schotels, ronde schotel, 3 platte borden, 4 diepe borden, 3 schelpvormige kaviaarschaaltjes, botervloot, vaststaand op een onderschotel, met deksel, 2 koppen en schotels.

Fotografie Janiek Dam

Servies, Geschonken door Wilhelm II:
2 kandelaars, fruitmand, 2 fruitschalen, tafelfiguur van een hovenier, tafelfiguur van een hovenierster, 5 kleine borden, 5 hors-d’oeuvreborden, 6 dessertborden, 6 diepe borden, 2 ronde schotels, 2 grote ronde schotels, 2 ovale schotels, 4 vierkante presenteerbladen.

Servies met de decoratie ‘Motif hongrois Grand’:
8 ovale schalen, 2 suikerpotjes met deksel, 2 kandelaars, 2 schalen met deksel en voet, 3 sauskommen met lepel, 3 vaasjes, 6 soepterrines met deksel, 3 mosterdpotten met deksel en lepel, menagère voor vis, 2 ronde presenteerschalen, 13 hors-d’oeuvreschalen, 13 platte schalen, 13 diepe borden, 2 koffiepotten met deksel, 6 koffiekoppen met schotel, 3 pasteipotjes met deksel, 2 koekschalen, 2 schenkroomkannen, 2 melkkannen, 2 presenteerschalen, 4 kleine schotels, 3 zoutvaatjes, 2 suikerpotten met deksel, 12 dessertborden, 4 bladvormige presenteerschalen, 3 bonbonschalen, 6 theekoppen met schotel, 2 theepotten met deksel, 2 vierkante compoteschalen, 3 haringschotels, 7 compartimentschalen, 3 botervloten met deksel.

Fotografie Janiek Dam

Bedankt

De Hermitage Amsterdam bedankt

Founder
Hoofdsponsors
Sponsor
Internetpartner
Strategiepartner
Security partner

Onze regenten, partners en fondsen.

Openingstijden

Dagelijks 10–17 uur
Gesloten 27 april (Koningsdag) en 25 december (Eerste kerstdag)
Open op 1 januari 11-17 uur

De Hermitage Amsterdam is gevestigd op de Amstel 51.

Foto Jelle Epskamp Photography

Heerlijk terras in de binnentuin

Geopend bij mooi weer

ANBI

De Hermitage Amsterdam is een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). Wij hoeven geen belasting te betalen over giften. Uw bedrag staat dus volledig tot onze beschikking. En giften aan een ANBI zijn vaak aftrekbaar voor de schenker.

Contact

Voor alle vragen en voor het kantoor: +31 (0)20 530 87 55
(tijdens kantoortijden)

Dus ook voor informatie over de tentoonstellingen, de programmering, de online ticketshop, het gebouw, reserveringen van rondleidingen en zalen en reserveringen van rolstoelen, groepsbezoeken en CKV-programma’s.

Voor het reserveren van audiotours (mogelijk vanaf 15 audiotours) kunt u een bericht sturen naar info@hermitage.nl

Catalogus

Bij de tentoonstelling 1917. Romanovs & Revolutie is een prachtige full colour catalogus verschenen. Deze is in zowel het Nederlands als in het Engels te verkrijgen.
Meer

Sitemap

x

Nieuwsbrief

Schrijf u in voor onze maandelijkse nieuwsbrief en wij zullen u op de hoogte blijven houden. Niet alleen van de tentoonstellingen, maar van alle andere activiteiten in de Hermitage Amsterdam. Waaronder de culturele avonden op woensdag, zaterdagmiddag lezingen in het auditorium en de zondagochtend concerten.